Schatting moet redelijk zijn
In deze zaak had een bv met een Chinese leverancier van ledverlichting een contract gesloten om exclusief in Nederland en België ledverlichting te mogen verkopen. De bv droeg dit exclusieve verkooprecht vervolgens voor een waarde van nihil over aan een concernvennootschap. De inspecteur corrigeerde de waarde van dit contract na een boekenonderzoek naar € 419.000, maar volgens de bv was deze waarde veel te hoog. Ook vond de bv het niet terecht dat de bewijslast was omgekeerd en bezwaard.
Het hof oordeelde dat de omkering en verzwaring van de bewijslast terecht was. De aangifte van de bv vertoonde namelijk dusdanige gebreken dat het verschil tussen de werkelijke belasting en de aangegeven belasting aanzienlijk was, wat de bv volgens het hof wist of behoorde te weten. Hierdoor had de bv niet de vereiste aangifte gedaan en was de bewijslast terecht omgekeerd en verzwaard. Het hof wees er echter op dat de schatting van de Belastingdienst in zo’n situatie wel redelijk moet zijn. In deze zaak was dat volgens het hof niet het geval, aangezien de inspecteur zich op onjuiste uitgangspunten had gebaseerd.
Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden 15-01-2019

COELO onderzocht de ontwikkeling van de belastingtarieven van waterschappen in de afgelopen bestuursperiode (2015 -2019) met het oog op de naderende verkiezingen voor de waterschapsbesturen op 20 maart.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) gaat de ongeveer 45.000 Britten die rechtmatig in Nederland verblijven in deze periode (15 maanden) uitnodigen om een aanvraag voor een definitieve verblijfsvergunning in te dienen die nodig is na de overgangsperiode. De IND doet dit verspreid over de overgangsperiode, zodat alle betrokkenen in de gelegenheid worden gesteld om hun toekomstig verblijf in Nederland goed te regelen. Britse burgers komen in aanmerking voor deze vergunning als ze voldoen aan dezelfde verblijfsvoorwaarden die gelden voor EU-burgers. Na deze periode is een definitieve verblijfsvergunning nodig.
In deze zaak had een vrouw een box 3-vermogen van een kleine € 200.000. Zij moest over 2015 € 1.714 aan vermogensrendementsheffing betalen. Dit was ongeveer 75% van haar werkelijke nominale rendement. Het hof oordeelde echter dat deze heffing voor de vrouw geen buitensporig zware last was, gelet op de omvang van haar vermogen. Uit deze uitspraak blijkt opnieuw dat de belastingrechter de box 3-heffing niet snel als onredelijk aanmerkt. Eerder gingen al veel meer particulieren tevergeefs in beroep tegen de vermogensrendementsheffing over hun spaartegoeden en beleggingen.
In opdracht van ilionx en QNH Consulting is het onderzoek ‘Peilstok van de Nederlandse innovatie’ uitgevoerd. Uit dit onderzoek komt wel naar voren dat de behoefte om te innoveren vaak voortkomt uit de wens om als organisatie efficiënter te worden (44%), nieuwe producten en diensten te ontwikkelen (30%) en kosten te besparen (30%). Dit is terug te zien in de behaalde resultaten van de belangrijkste innovatieprojecten bij Nederlandse organisaties.
Een vrouw had onderhoud laten uitvoeren aan haar huis voor een bedrag van € 79.332. Op 16 december 2013 ontving zij van haar ouders een schenking van € 100.000, waarna zij voor nog eens € 28.040 onderhoud aan haar woning liet uitvoeren. Bij de aangifte schenkbelasting deed de vrouw een beroep op de tijdelijke verruiming van de vrijstelling voor een schenking in verband met de eigen woning. De inspecteur accepteerde het beroep op deze tijdelijke verruiming van de vrijstelling alleen voor de kosten ad € 28.040 die de vrouw na ontvangst van de schenking had gemaakt.
Een pakketbezorger is samen met andere pakketbezorgers bij een VOF aangesloten. Hij ontvangt maandelijks uit naam van de VOF een bedrag, gebaseerd op het aantal door hem gerealiseerde succesvolle stops of afgeleverde pakketten verminderd met de aan hem toe te rekenen kosten. Tot deze kosten hoort de leaseprijs van de bezorgbus die op naam van de VOF wordt geleased en de kleding die de bezorger dient te dragen. Naast deze maandelijkse bedragen heeft de bezorger in het kader van de verdeling van de winst uit naam van de VOF, niets uitbetaald gekregen.
Op dit moment mogen er per jaar duizend koks uit Azië in Nederland aan de slag. Met deze eenmalige verruiming van vijfhonderd extra vergunningen kunnen er dit jaar 1.500 koks aan de slag.
In antwoord op Kamervragen heeft minister Hoekstra aangegeven vrijstelling alleen van toepassing is voor zover het gaat om aandelen in, winstbewijzen van of schuldvorderingen op aangewezen groene fondsen. Alleen banken en beleggingsinstellingen als bedoeld in art. 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) kunnen als groene fondsen worden aangewezen. Voorwaarde is dat deze groene fondsen hoofdzakelijk (ten minste 70%) investeren in aangewezen groene projecten zoals beschreven in de regeling groenprojecten.
In deze zaak diende een man een pro forma bezwaarschrift in tegen een opgelegde aanslag IB/PVV. Hierin vroeg hij de Belastingdienst om hem te horen. De inspecteur gaf de man vervolgens de gelegenheid om zijn bezwaar nader toe te lichten. Dit deed de man per e-mail, maar in deze mail kwam hij niet terug op zijn eerdere verzoek om te worden gehoord. Dit was voor de inspecteur reden om aan te nemen dat de man afzag van zijn hoorrecht, waarna hij het bezwaarschrift niet-ontvankelijk verklaarde. Maar de Hoge Raad oordeelde dat de fiscus niet te snel mag aannemen dat een belastingplichtige afziet van zijn hoorrecht. De inspecteur had de belastingplichtige eerst moeten horen en pas daarna mogen beslissen op het bezwaarschrift. Daarom bepaalde de Hoge Raad dat de inspecteur de belastingplichtige alsnog moest horen en daarna opnieuw moest beslissen.